Nederlands melkschaap (Fries en Zeeuws)

"Op het beroemde schilderij van de gebroeders van Eyck stond het Nederlands melkschaap model voor het Lam Gods"
1

Kenmerken

  • Geschikt voor educatie, huisdier en hobby en landbouw
  • Kan gehouden worden in een erf met veel grond en grote tuin
  • Oorsprong van dierenras ligt in Friesland en Zeeland

Status

  • Risico: Bedreigd
  • Aantal ooien: 450
  • Trend laatste 15 jaar: afnemend

Gebruik

Het Nederlands melkschaap is een makkelijk, handzaam en toegankelijk gebruiksschaap voor zowel de hobbyfokker als de professionele melker. Vanwege het bijzonder vriendelijke karakter zijn ze ook uitermate geschikt om gehouden te worden op bijvoorbeeld een stads- of zorgboerderij. Als weideschaap wordt het melkschaap ook ingezet voor de begrazing van natuurweides.

Het Nederlands melkschaap heeft de hoogste melkgift van alle schapenrassen. Tijdens de half jaar durende lactatieperiode produceert het melkschaap zo’n 600 liter melk. Die is zeer geschikt voor het maken van harde en zachte kaas, maar ook yoghurt en witschimmelkaas. In Zeeland wordt de melk verwerkt tot zogenaamde ‘natte kaas’, de oudste vorm van kaasbereiding ter wereld.

Uiterlijk

Melkschapen zijn grote, witte schapen met een lange hals, een onbewolde kop en een tot de hak reikende onbewolde staart. Het Nederlandse melkschaap dient helemaal wit te zijn, zonder kleuraftekeningen, en behoort geen hoorns te hebben. Ze hebben een gemiddelde schofthoogte van 75 cm en het gewicht ligt rond de 75 kg.

Achtergrond

Alhoewel er sprake is van een Fries en een Zeeuws (en ook Vlaams) melkschapenras is de overeenkomst tussen de rassen zo groot dat er slechts één melkschapenras onderscheiden wordt. In feite wordt het ras vernoemd naar de landstreek waarin het voorkomt.

Tot in de eerste helft van de twintigste eeuw kwam het melkschaap nog veelvuldig voor in Vlaanderen, Zeeland en Friesland. Het typische dubbeldoelras, gericht op zuivel, wol en vlees, werd echter economisch minder interessant met de opkomst van typische vleesrassen als de Texelaar. Daarnaast werd de wolproductie minder lonend door de productie van kunstvezels en de import van goedkope wol uit Australië. Er zit weer enigszins groei in het aantal Nederlandse melkschapen, onder meer vanwege de stijgende populariteit van schapenzuivel.

Een specifieke vraag?