Brandrood rund

"Brandroden, robuuste runderen die de uiterwaarden en de landschappen in het Oosten een cultuurhistorische kleur geven"
1

Kenmerken

  • Geschikt voor educatie, huisdier en hobby, landbouw en natuurbeheer
  • Kan gehouden worden in een een natuurgebied en erf met veel grond
  • Oorsprong van dierenras ligt in Gelderland, Limburg, Noord-Brabant en Overijssel

Status

  • Risico: Bedreigd
  • Aantal koeien: 1216
  • Trend laatste 15 jaar: groeiend

Gebruik

Het Brandrode rund is vanwege zijn robuuste, sobere en zelfredzame eigenschappen een veelzijdig dier en geschikt voor jaarronde natuurbegrazing. Ze zijn goed bestand tegen ziekten en kunnen goed omgaan met voedselovergangen en wisselende weersomstandigheden. Het rustige en vriendelijke karakter maken ze ook zeer geschikt voor begrazing van natuurgebieden waar veel recreanten komen, voor op een zorg- of kinderboerderij en voor hobbydierhouders.

Daarnaast wordt dit dubbeldoel ras gehouden voor de productie van vlees en melk. Het Brandrode rund levert smaakvol vlees van goede kwaliteit en de melk is van dusdanige kwaliteit dat die ook gebruikt wordt voor kaasproductie. Brandrode runderen zijn vroegrijp en vruchtbaar, kalven gemakkelijk af zonder hulp en bezitten goede moedereigenschappen. Op veel bedrijven blijven koe en kalf na de geboorte bij elkaar en zogen de Brandroden hun eigen kalveren.

Uiterlijk

Een egale diepe donkerrode vacht met een bruinrode tot zwartachtige kop en poten is, samen met een witte kol, onderbuik, staartpluim en sokken, het zeer kenmerkende uiterlijk van het Brandrode rund. Het zijn middelgrote dieren met een gemiddelde schofthoogte tussen de 125 en 135 cm en een gewicht rond de 600 kg. De dieren worden bij voorkeur niet onthoornd.

Achtergrond

Het Brandrode rund heeft dezelfde oorsprong als het Maas-Rijn-IJsselvee (MRIJ), rond de twintigste eeuw werd er in het rivierengebied gefokt met de daar voorkomende roodbonte, sobere, sterke, makke en gelijkmatige koeien. Vanaf de jaren zeventig begonnen enkele fokverenigingen, vooral in Overijssel en Gelderland op de schrale zandgronden van Brabant en Limburg, zich te richten op de donkerrode dieren met uitgesproken dubbeldoeleigenschappen, dit was het begin van de specialisatie van het Brandrode rund. In de jaren tachtig is dit voortgezet en ontdekten ook verschillende natuurorganisaties de kwaliteiten van het Brandrode rund als natuurbegrazer, waarna in 2001 een erkend stamboek is opgericht.

Een specifieke vraag?