logo SZH

Amsterdamse tippler

Fotograaf: Dick Hamer

Rasbeschrijving

De Amsterdamse tippler is een vrij kleine, compacte duif, die laag gesteld is met een in verhouding brede en volle borst en een horizontale stand. Het ras heeft een klein, kort gerond en goed gevuld kopje en prachtige witte parelogen, omgeven door fijne zwarte oogranden. De nauwelijks middellange, zwarte snavel is horizontaal ingestoken en mag niet te grof maar ook zeker niet te fijn zijn. De snavel mag niet te kort worden, omdat dit ras anders zijn eigen jongen niet meer goed kan voeren. Ze zijn erkend in de kleuren licht ooievaar met witte staart, Iicht ooievaar met gekleurde staart, blauwschimmel en blauw zwart geband en  blauw gestorkt geband (tussen schimmel en licht ooievaar met donker blauwgrijs gespikkelde hals en de kop en wit lichaam en licht vleugelschild met twee donkere banden).

Geschiedenis

Net als bijna alle Nederlandse tuimelaars, komt ook dit ras van oorsprong uit Amsterdam. Het werd daar in de volksmond trippie genoemd en op duivenplatten gehouden. Ze vliegen vele uren achtereen.  De belangrijkste voorvader van dit ras is de Macclesfield tippler. Deze duif heeft in 1974 model gestaan voor het maken van de standaard voor de vliegtippler. De andere voorouders zullen waarschijnlijk  Budapester en Prager tuimelaars zijn geweest. Ook worden de Budapester trippies genoemd. In 2000 werd de Amsterdamse tippler definitief erkend, maar in 2002 werd het ras die status weer ontnomen en werd het weer voorlopig erkend. Reden hiervan was dat de kopvorm en de tekening te veel van de standaard afweken. Speciaalclub van dit ras is

Fokkerijorganisatie 

De Fokkersvereniging van Nederlandse Tuimelaars.
Het ras is nog steeds in opbouw en wordt door een beperkt aantal fokkers gehouden.
Website

Fotograaf: Ad en Wilma Taks

Snel naar

Over

Fokkers

Houders en beheerders

Beleven en laten beleven

Meedoen

©2017 Communicatiebureau de Lynx
×